Voorwoord

Vanuit mijn rol als beginnend docent probeer ik de student mee te nemen in het leerproces en vooral het besef te triggeren waarin de student bewust bekwaam wordt. Hierin gebruik ik een retrospectieve manier van werken waar het model van Gibbs goed bij helpt. Het model van Gibbs is een model waarbij reflectie in stappen uiteen wordt gezet. Om helder te hebben wat er is geleerd en of deze leercurve onbewust of bewust was is het verstandig hierbij stil te staan. Een “Oja” moment creëren waarin de studenten ervaart dat hij of zij meer weet dan gedacht, of dat wanneer een aangeleerde actie wordt toegepast iets lukt! Een moment om trots op te zijn. Het Model van Gibbs helpt in stappen dit proces op te starten. Wat is er precies gebeurd in het proces, hoe voel ik mij daarbij, wat ging goed of kon beter, heb ik hiervan geleerd en ga ik dit volgende keer anders doen. Kortom een rode draad om het proces structuur te geven.

 

Het model van Gibbs From "Learning by Doing" by Graham Gibbs. Published by Oxford Polytechnic, 1988. 

 

Wat willen we gaan ontwikkelen

Samen met collega PDG student Jeanette Koedijk is besloten om een workshop te ontwikkelen. Deze workshop gaat over het effectiever samenwerken en is gebaseerd op de Aegile gedachte. Met elkaar hebben we gekeken hoe we dit het beste zouden kunnen ontwikkelen en zo zijn we gestart met iets wat een ieder wel kent uit zijn jeugd... 

Het vouwen van een papieren vliegtuigje ...

Het idee is eenvoudig, door middel van efficiënter samenwerken en het plannen en afstemmen van werkzaamheden meer kunnen leveren in dezelfde tijd. Hiermee leggen we niet alleen de theorie achter het Aegile proces uit maar laten we ook nog eens zien dat het werkt ! 

En het werkt echt :) 

 

Gekoppelde docenttaken

1.4 De docent nieuwe docenten in opleiding begeleidt.

Resultaten:

  • De docent begeleidt leraren in opleiding, rekening houdend met het teamactiviteitenplan en het curriculum van de lerarenopleiding.
  • De docent draagt op teamniveau bij aan het op instellingsniveau afgesproken begeleidings-systeem van opleiden en inwerken.

2.1 De docent begeleidt leraren in opleiding

Resultaten:

  • Een vanuit de wettelijke kaders vormgegeven onderwijsprogramma met leerinhouden, gerelateerd aan de eindkwalificaties.
  • Een onderwijsprogramma waarin de onderwijsvisie van de school herkenbaar is uitgewerkt.
  • Een door het team gedragen onderwijsprogramma, waarin zichtbaar is wie wat doet, wie waarvoor verantwoordelijk is en hoe onderlinge afstemming plaatsvindt.
  • Een onderwijsprogramma, waarin ruimte is voor actualisering aan de hand van ontwikkelingen in het beroepenveld.
  • Een programma met structurele aandacht voor taal- en rekengericht vakonderwijs, vakgericht taal- en rekenonderwijs en remediërend taal- en rekenonderwijs, in afstemming op de studenten en gekoppeld aan de ontwikkeling van beroeps-, loopbaan- en burgerschapscompetenties.
  • Een programma, waarin vakonderwijs, vakgericht taal- en rekenonderwijs, en moderne vreemde talen in het programma op zo’n manier verwerkt zijn, dat er een natuurlijke eenheid ontstaat in het beroepsgericht opleiden.

 

2.2 De docent vanuit zijn individuele opdracht , in afstemming met het team leer-arrangementen ontwerpt vanuit

het beroepsprofiel.

Resultaten:

  • Leerarrangementen in het perspectief van het beroepsprofiel van de toekomstige beroepsbeoefenaar.
  • Leerarrangementen waarin theorie en praktijk met elkaar verbonden worden (theoretische leren en werkplekleren).
  • Leeractiviteiten (lessen, trainingen, workshops) waarbij de studenten:

- theoretische concepten in concrete taken toepassen;

- specifieke (beroeps)ervaringen koppelen aan theoretische concepten;

- kennis, vaardigheden en attitudes aan beroepstaken verbinden;

- een relatie leren zien tussen het detail en het grotere geheel

 

2.3 De docent het ontwikkelde programma van tijd tot tijd bijstelt, op basis van gestelde doelen.

Resultaat:

  • Een onderwijsprogramma dat structureel is ingebed in een PDCA-cyclus om de effectiviteit van het onderwijs in kaart te brengen en om desgewenst (didactische) keuzes te heroverwegen ter verbetering van de leeropbrengst van de studenten.

 

3.1 De docent de beroepspraktijk ervaringen benut als leerervaringen

Resultaten:

  • Een integrale onderwijspraktijk waarbij de vakken dienend zijn aan het beroep waarvoor wordt opgeleid, waarbij studenten voortdurend worden uitgenodigd hun beroepservaringen te verbinden met het leren in de school en het in school geleerde met de praktijk te verbinden.
  • Een onderwijspraktijk, waarbij een integrale manier van begeleiding wordt gepraktiseerd: begeleiding naar een beroepsidentiteit die parallel loopt met persoonlijke begeleiding en begeleiding bij de (studie)loopbaan-stappen

 

3.4 De docent rekening houdt met verschillen tussen studenten en voorziet in een gerichte aanpak.

 

 

3.6 De docent de studenten begeleidt bij het uitvoeren van de leeractiviteiten of basis van afspraken.

Resultaten:

  • Een onlosmakelijk met de onderwijsuitvoering verbonden set van resultaatgerichte begeleidingshandelingen, bestaande uit:

- observeren van studenten tijdens hun leeractiviteiten;

- handelen en interventies afstemmen op het leerproces (leren leren, leren attribueren, leren reguleren) en leerresultaten van de studenten;

- met de student registreren van de voortgang;

- met collega’s de voortgang en gewenste interventies en communicatie bespreken.

  • Het leerproces evalueren om vast te stellen of het tot de gewenste resultaten leidt.

 

3.7 De docent de uitvoering van het programma evalueert en de effectiviteit van de activiteit met het team leerling

trekt ter verbetering.

Resultaten:

  • Een kwaliteitscyclus waarin leeractiviteiten worden geëvalueerd (ook door studenten) en bijgesteld. Richtinggevend bij de evaluatie zijn:

- leerbaarheid;

- verbetering van de leerresultaten;

- relevantie voor de beroepspraktijk;

- performance docenten.

  • Een jaarlijkse evaluatie in relatie tot het instrumentarium voor kwaliteitszorg en rendementsgegevens.

 

4.2 De docent de student ondersteunt en stimuleert bij het reflecteren op zijn studievoortgang met de omgeving.

Resultaat:

  • Een met het team afgestemd begeleidingsproces met vaste gespreksmomenten, waarbij de student kritisch naar zichzelf leert kijken en zijn mogelijkheden leert kennen in directe relatie tot zijn (nabije) toekomst in onderwijs en/of werkveld.

 

Leerproces

Het leerproces komt in de cyclus van oriëntatie, voorbereiding, uitvoering, evaluatie en reflectie naar voren. Reflectie is in het huidige onderwijs steeds belangrijker. Het geven van reflectie dient open en eerlijk te gebeuren en deze stap zullen we met elkaar verrichten en delen. Om positieve feedback te geven moet er ook elkaars sterke punten benoemen. Wij als docenten moeten kunnen bijsturen en aanvullen als de leerlingen afdwalen of wanneer bepaalde aspecten onbesproken bleven. Naast de vier fasen die wij doorlopen zullen wij door middels van tips en tops de workshop verder vormgeven. Het leerdoel binnen dit proces zal naast de leerlingen ook voor de docenten in groepsverband in kaart worden gebracht. Door de samenwerking ontstaan er dynamieken welke ik middels de fases van groepsvorming wil belichten.

Welke literatuur/ bronnen koppelen we aan het handelen en waarom gebruiken we deze bronnen.

Voor dit beroepsproduct koppel ik OVUR-model aan mijn handelen. Dit model komt uit de studiewijzer van NHL Stenden (Uit © Stichting SURF Maart 2009 ISBN 978-90-78887-13-3) Welke ik goed kan gebruiken voor feedback.

Ook zal de bron - https://fijbes.nl/fasen-groepsvorming-forming-storming-norming-performing worden gebruikt om de groepsvorming te belichten.
Literatuur die ik hieraan koppel is “Lessen op orde in het MBO (Handboek voor het onderwijs praktijk; Peter Teitler)’

Wat is het OVUR model? Model Oriënteren, voorbereiden, uitvoeren en reflecteren (OVUR) Het didactische OVUR-model is een algemeen model voor methodisch werken. Bij opdrachten werk je systematisch in vier fasen: oriëntatie, de voorbereiding, de uitvoering en de reflectie

 

 

Meten is weten

Om de workshop te oefenen en te testen of het ook voor NIET IT studenten aan zou slaan hebben wij besloten om samen de workshop ook te geven bij het Clusius in Hoorn. Dit was een groep samengestelde studenten niveau 2,3,4 van de opleiding plantenteelt. En wat bleek ... het werkt ook hier

 

De interne begeleid van Jeanette gaf de onderstaande feedback. David ben ik dus ..... :) 

 

 

Ook bij de verschillende klassen bij het ROC Kop van Noord-Holland is de workshop gegeven. Dat een ieder dit aanspreekt blijkt uit het feit dat andere klassen bij hun docenten gingen navragen wanneer zij "vliegtuigjes" gingen gooien. 

 

 

De volledige workshop kun je hieronder in zien

 

 

Uiteindelijk krijgt elke deelnemer een certificaat van deelname

 

 

De feedback van de docententrainer Tabitha na het MBO event

 

Reflectie:

Het ontwikkelen van deze workshop heeft mij veel gebracht. Het is een leuke manier om kennis van de theorie en praktijk richting scrum over te brengen aan mensen die hier nog geen ervaring mee hebben. Zo was het ook heel interessant om dit samen te doen met een mede PDG student die geen IT achtergrond heeft.

Het concept denken is voor een ieder toe te passen binnen welke opleiding en welk niveau dan ook. 

Het principe wat ging goed en wat kan beter komt echt overal worden ingezet. Deze workshop geeft op een leuke speelse manier inzicht en zorgt voor een stukje teambuilding. 

Inmiddels wordt deze workshop niet alleen door mij en mijn collega's binnen de IT afdeling gegeven maar geef ik deze ook aan ander afdelingen binnen het ROC en zijn ook mede PDG studenten er op andere ROC's mee aan de slag gegaan.